Informatieavond groep 5/6
6 september 2010
Methoden
Taal :Taal in beeld
Deze taalmethode is medio schooljaar 2009-2010 aangeschaft.
Diverse thema’s worden behandeld, zoals omgeving, natuur, reizen.
Vier taaldomeinen komen gedurende het jaar aan bod:
woordenschat, spreken, luisteren, schrijven (stellen), taalbeschouwing.
Opbouw van de les:
*Wat ga je doen (doelstelling)
*Op verkenning ( introductie)
*Uitleg (instructie)
*Aan de slag (de verwerking)
Verschillende organisatievormen:
* na een korte uitleg zelfstandig werken
*Samenwerkend leren
*Begeleid leren in een groepje
Toetsing:
Begin week 4 krijgt ieder kind een toetstaak.
Heeft de leerling het doel bereikt dan worden er zelfstandig taalkaarten gemaakt. Dit zijn de plustaken uit de doos Taalmaker.
Voor kinderen die nog meer moeten oefenen, zijn er kopieerbladen met herhalingsstof. Deze kaarten worden, na een uitleg, gemaakt.
Spelling: Spelling in beeld
Ook deze methode is medio schooljaar 2009-2010 aangeschaft.
Ieder blok bestaat uit vier weken.
De eerste drie weken behandelen wij de basisstof. Per week worden er twee spellinglessen gegeven.
In les 1 tot en met 5 wordt er één spellingcategorie aangeboden.
Regelwoorden: je moet een regel toepassen ( Hoor je aan het eind van een klankgroep aa dan schrijf je een a )
Klankwoorden: een vaste relatie tussen klank en schrijfwijze ( je hoort ooj maar je schrijft ooi )
Weetwoorden: je moet de woorden onthouden door inprenting ( bijv. woorden met ei-ij, f-v, s-z )
In groep 6 worden de werkwoorden ook aangeboden.
Na les 5 krijgen de kinderen een signaaldictee. Hier kun je ontdekken welke categorie nog meer geoefend moet worden.
Na het controledictee in week 4 gaat men differentiëren, dwz. het ene kind maakt verdiepingsstof en het andere kind gaat herhalingstaken maken.
Naast de methodegebonden toetsen wordt er in januari de Cito-toets spelling afgenomen.
De opbouw van een les en de organisatie is hetzelfde als bij de methode Taal in beeld.
Opbouw van de les:
*Wat ga je doen (doelstelling)
*Op verkenning ( introductie)
*Uitleg (instructie)
*Aan de slag (de verwerking)
Verschillende organisatievormen:
* na een korte uitleg zelfstandig werken
*Samenwerkend leren
*Begeleid leren in een groepje
Begrijpend lezen: tekst verwerken
Groep 5 en 6 krijgt les van juf Tsjtske op vrijdagmiddag.
Basisdoelen zijn:
· Een verdere uitbreiding van de woordenschat.
· Het zicht bieden op de intentie van de auteur.
· Een koppeling tot stand brengen tussen de tekst en de eigen kennis van de wereld.
Stillezen doen we elke dag minstens 15 minuten
Boekbesprekingen zijn aan het begin van de week, elk kind krijgt een datum waarop hij of zij een boekbespreking houdt.
De spreekbeurten beginnen vanaf januari voor groep 5 en 6.
Rekenen: Talrijk
Elke week bestaat uit 5 rekenlessen, waarbij de kinderen oefenen in het rekenwerkboek (elke dag één). De kinderen werken ook in het rekenschrift: zij maken dan extra oefeningen ( verdieping)
Op vrijdag krijgen de kinderen basisstofsommen.
Dit is een methodegebonden tussentoets, de leerkracht kan zien of een leerling alles begrepen heeft.
Een keer in de drie weken wordt de gehele rekenreeks getoetst in het toetsboekje. Dit is een methodegebonden toets.
Naast onze methode Talrijk werken wij ook uit het boekje Redactiesommen.
Deze staat geheel los van de methode, het gaat hierbij echt om inzicht en het toepassen van rekenvaardigheden.
Basisdoelen groep 5 zijn:
De leerling:
· Kent de telrij t/m 5000
· Heeft inzicht in de getallen t/m 2000 (inwisselen)
· Maakt contextopgaven van erbij- en erafsommen t/m 1000
· Past tafelkennis en kennis van delen met en zonder rest toe.
· Beheerst de tafels van 1 t/m 10
· Maakt keersommen boven de 10 (11 x, 12 x, 13x)
· Maakt keersommen met tientallen (12 x 10, 3 x 40)
Basisdoelen groep 6 zijn:
De leerling:
· Kent de telrij t/m 100.000
· Heeft inzicht in de getallen t/m 100.000
· Heeft inzicht in de gelijkwaardigheid van eenvoudige breuken
· Kan cijferend vermenigvuldigen
· Gebruikt handige strategieën bij het optellen en aftrekken van bijna ronde getallen
· Heeft inzicht in de relatie tussen tijd en afstand
Aardrijkskunde: Wijzer door de wereld
Groep 5 en 6 krijgt aardrijkskunde van meester Peter.
In groep 5 krijgen de kinderen vooral les in geografische onderwerpen betrekkende hun leefomgeving. In groep 6 krijgen de kinderen ook topografie en leren dit jaar Nederland kennen.
Ze krijgen huiswerk mee, hun topografiekennis wordt dan getoetst.
De kinderen krijgen na afloop van een reeks lessen een toets.
Geschiedenis: Wijzer door de tijd
Groep 5 en 6 krijgt les van juf Jellie
In groep 5 speelt het tijdsbegrip een grote rol.
In groep 6 gaan we dieper de geschiedenis in en gaan ze kennismaken met prehistorie en bijv. de Romeinen
De kinderen krijgen na afloop van een reeks lessen een toets.
Biologie:
Beide groepen krijgen les van meester Peter. De eigen omgeving komt aan bod.
Verkeer: Op voeten en fietsen (verkeerskrant)
Dit vak wordt gegeven door juf Jellie aan beide groepen.
Het basisdoel is het aanleren van verkeersregels en alles m.b.t. veiligheid in het verkeer.
Handvaardigheid :
Dit vindt plaats op de donderdagmiddag.
Meester Peter geeft het vak.
Muziek:
Dit vak wordt gegeven door meester Peter op vrijdagmiddag.
Zelf muziek maken op instrumenten, componeren, dans en nieuwe liedjes komen aan de orde.
Ook worden er lessen gegeven uit de methode: “Muziek, moet je doen.”
Tekenen:
Maandagmiddag krijgen de kinderen van groep 5/6 tekenles. Diverse Technieken komen aan bod. Daarnaast kijken we ook naar kunst.
De lessen worden door juf Jellie gegeven.
Techniek:
Techniek wordt geïntegreerd in het vak handenarbeid .
Gymnastiek:
Vrijdagmorgen: 09.15 uur tot 10.45 uur
Gymnastiekleerkracht: Susan
De kinderen fietsen samen met meester Peter naar de gymnastiek.
Niet methodegebonden toetsen:
De niet methodegebonden toetsen zijn de Cito- toetsen.
De toetsen worden in januari en mei afgenomen.
De score kan variëren van een A-score tot een E-score, waarbij de A-score de hoogste is.
Een lage B-score en een hoge C-score zijn gemiddeld.
Als uw kind uitvalt op een CITO- toets hoeft dat beslist niet gelijk zorgelijk te zijn.
Het belangrijkste is het totaalbeeld wat de leerkracht heeft van uw kind.
Het is voor de leerkracht een signalering om bij een aantal kinderen extra aandacht te besteden aan spelling, rekenen of lezen.
Computer
De kinderen kunnen extra oefenen op de computer. Ook programma’s met extra uitdaging worden ingezet.
Rapporten
Het is een doorlopend rapport (van groep 1 t/m 8)
Het eerste rapport gaat mee in januari en het tweede rapport in juni.
In november zijn er contactavonden om een eerste indruk weer te geven.
In februari en juni is er een tweede en een derde contactavond.
meester Peter en juf Jellie
Geen opmerkingen:
Een reactie posten